Schoolgids

7. Schooltijden en aanwezigheid
 
 
 

 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
7.1 SCHOOLTIJDEN
 
Onze school kent de onderstaande schooltijdenregeling. ‘s Ochtends hebben de groepen een kwartier pauze. 
 
Dag
groep 1 t/m 4
groep 5 t/m 8
 
Maandag
 
   08.30     -     11.45
   13.00    -     15.15
 
08.30   -    11.45
13.00   -    15.15
 
Dinsdag
 
   08.30    -     11.45
   13.00    -     15.15
 
08.30   -    11.45
13.00   -    15.15
 
Woensdag
 
    08.30    -    12.00
 
08.30   -    12.00
 
 
Donderdag
 
   08.30     -     11.45
   13.00     -     15.15
 
08.30   -    11.45
13.00   -    15.15
 
Vrijdag
 
   08.30     -     11.45
 
08.30   -    11.45
13.00   -    15.15

 

 
       
 
7.2   VAKANTIE -EN VRIJE DAGEN
 
Voor vakanties en vrije dagen verwijzen wij u naar de Infokalender  of naar onze website. Daarin staan de vakantie- en vrije dagen voor het huidige schooljaar vermeld.
 
 
 
 
 
7.3   LEERPLICHT
 
De leerplichtambtenaar, die belast is met het toezicht op de naleving van de Leerplichtwet 1969, heeft als belangrijke taak het recht op onderwijs, dat ieder kind in de leeftijd van 5 tot en met 17 jaar heeft, te bewaken. Alle leerlingen in de groepen 1 t/m 4 dienen gemiddeld minimaal 880 uur naar school te gaan. Voor leerlingen in de groepen 5 t/m 8 zijn dat 1000 uur per jaar. Dit is in de schooltijden regeling uitgewerkt. De leerplichtambtenaar verleent hulp aan leerlingen, ouders/verzorgers en scholen indien de leerling door (dreigend) schoolverzuim in zijn/haar vorming en ontplooiing wordt belemmerd en wanneer er sprake is van problematisch gedrag. Daarbij ligt de nadruk op de maatschappelijke zorg met betrekking tot schoolverzuim. Schoolverzuim is een niet op zichzelf staand probleem. Het is een signaal dat er iets met het kind aan de hand is. Het is een uiting van onvrede of onmacht. Bekende uitingsvormen binnen school zijn: agressiviteit, depressiviteit, slechte leerresultaten, vaak ziek, vaak te laat komen op school.
 
Scholen zijn op grond van de leerplichtwet 1969 verplicht ongeoorloofd schoolverzuim te melden bij de leerplichtambtenaar. Naar aanleiding van een melding van de school voor wat betreft verzuim en/of problemen gaat de leerplichtambtenaar contact zoeken en leggen met de desbetreffende ouder(s) / verzorger(s) en leerling. Zijn de problemen zeer specifiek van aard, dan verwijst de leerplichtambtenaar naar de daarvoor geëigende hulpverlenende instanties, zoals Regionaal Bureau Jeugdzorg, Algemeen Maatschappelijk Werk, RIAGG, Raad voor de Kinderbescherming etc.
 
Ook kunnen ouders/verzorgers rechtstreeks contact opnemen met de leerplichtambtenaar indien er problemen zijn met hun kind of met de school: 
  • Gemeente Smallingerland, afdeling samenlevingszaken
    t.a.v. de leerplichtambtenaar
    Gauke Boelenstraat 2
    9203 RM   DRACHTEN
    telefoon: 0512 – 581337
 
 
  
 
 
7.4   REGELS VOOR SCHOOLVERLOF
 
Leerplicht en verlof
In de Leerplichtwet staat dat uw kind de school moet bezoeken als er onderwijs wordt gegeven. Leerlingen mogen dus nooit zomaar van school wegblijven. In een aantal gevallen is echter een uitzondering op deze regel mogelijk. Als er een bijzondere reden is waarom u vindt dat uw kind niet naar school kan, moet u zich aan de regels voor zo’n uitzondering houden. De uitzonderingen en de daarbij behorende regels staan hieronder beschreven.
 
 
Extra verlof in verband met religieuze verplichtingen
Wanneer uw kind plichten moet vervullen die voortvloeien uit godsdienst of levensovertuiging, bestaat er recht op verlof. Als richtlijn geldt dat hiervoor één dag per verplichting vrij wordt gegeven. Indien uw kind gebruik maakt van deze vorm van extra verlof, dient u dit minimaal twee dagen van te voren bij de directeur van de school te melden.
 
 
Op vakantie onder schooltijd
Voor vakantie onder schooltijd kan alleen een uitzondering op de hoofdregel gemaakt worden als uw kind tijdens de schoolvakanties niet op vakantie kan gaan door de specifieke aard van het beroep van (één van) de ouders. In dat geval mag de directeur eenmaal per schooljaar uw kind vrij geven, zodat er toch een gezinsvakantie kan plaatshebben. Het betreft de enige gezinsvakantie in dat schooljaar. Bij uw aanvraag moet een werkgeversverklaring worden gevoegd waaruit de specifieke aard van het beroep én de verlofperiode van de betrokken ouder blijken.
 
Verder dient u met de volgende voorwaarden rekening te houden:
  • in verband met een eventuele bezwaarprocedure (zie punt 6) moet de aanvraag ten minste acht weken van tevoren bij de directeur worden ingediend, tenzij u kunt aangeven waarom dat niet mogelijk was;
  • de verlofperiode mag maximaal 10 schooldagen beslaan;
  • de verlofperiode mag niet in de eerste twee weken van het schooljaar vallen.
Helaas komt het wel eens voor dat een leerling of een gezinslid tijdens de vakantie ziek wordt, waardoor de leerling pas later op school kan terugkomen. Het is van groot belang om dan een doktersverklaring uit het vakantieland mee te nemen, waaruit de duur, de aard en de ernst van de ziekte blijken. Op die manier voorkomt u mogelijke misverstanden.
 
 
  
Verlof in geval van “andere gewichtige omstandigheden”
Onder ‘andere gewichtige omstandigheden’ vallen situaties die buiten de wil van de ouders en/of de leerling liggen. Voor bepaalde omstandigheden kan vrij worden gevraagd.
 
Hierbij moet gedacht worden aan:
  • een verhuizing van het gezin;
  • het bijwonen van een huwelijk van bloed- of aanverwanten;
  • ernstige ziekte van bloed- of aanverwanten (het aantal verlofdagen wordt bepaald in overleg met de directeur en/of de leerplichtambtenaar);
  • overlijden van bloed- of aanverwanten;
  • viering van een 25-, 40- of 50-jarig ambtsjubileum en het 12½-, 25-, 40-, 50- of 60-jarig (huwelijks)jubileum van bloed- of aanverwanten.
 
De volgende situaties zijn geen “andere gewichtige omstandigheden”:
  • familiebezoek in het buitenland
  • vakantie in een goedkope periode of in verband met een speciale aanbieding
  • vakantie onder schooltijd bij gebrek aan andere boekingsmogelijkheden
  • een uitnodiging van familie of vrienden om buiten de normale schoolvakantie op vakantie te gaan
  • eerder vertrek of latere terugkeer in verband met (verkeers-)drukte
  • verlof voor een kind, omdat andere kinderen uit het gezin al of nog vrij zijn 
Verlofaanvragen worden altijd individueel beoordeeld. Een aanvraag voor verlof wegens ‘andere gewichtige omstandigheden’ dient zo spoedig mogelijk bij de directeur te worden ingediend (bij voorkeur minimaal acht weken van tevoren).
 
 
Hoe dient u een aanvraag in?
Aanvraagformulieren voor verlof buiten de schoolvakanties zijn verkrijgbaar bij de directeur van de school. U levert de volledig ingevulde aanvraag, inclusief relevante verklaringen, in bij de directeur van de school. De directeur neemt zelf een besluit over een verlofaanvraag voor een periode van maximaal 10 schooldagen. Als een aanvraag voor verlof vanwege ‘andere gewichtige omstandigheden’ meer dan 10 schooldagen beslaat, wordt de aanvraag doorgestuurd naar de leerplichtambtenaar van de woongemeente. De leerplichtambtenaar neemt vervolgens een besluit, na de mening van de directeur te hebben gehoord.
 
 
Niet eens met het besluit
Wanneer uw verzoek om extra verlof wordt afgewezen en u bent het niet eens met dat besluit, kunt u schriftelijk bezwaar maken. U dient een bezwaarschrift in bij de persoon die het besluit heeft genomen. Het bezwaarschrift moet ondertekend zijn en tenminste de volgende gegevens bevatten:
  • naam en adres van belanghebbende
  • de dagtekening (datum)
  • een omschrijving van het besluit dat is genomen
  • argumenten die duidelijk maken waarom u niet akkoord gaat met het besluit
  • wanneer het bezwaar niet door u maar namens u wordt ingediend, moet u een volmacht ondertekenen en bij het bezwaarschrift voegen.
U krijgt de gelegenheid om uw bezwaar mondeling toe te lichten. Daarna krijgt u schriftelijk bericht van het besluit dat over uw bezwaarschrift is genomen. Bent u het dan nog niet eens met het besluit dan kunt u op grond van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) binnen zes weken schriftelijk beroep aantekenen bij de Arrondissementsrechtbank, sector Bestuursrecht. Het indienen van een beroepschrift heeft geen schorsende werking. Wel kan de indiener van een beroepschrift zich wenden tot de President van de bevoegde rechtbank met het verzoek een voorlopige voorziening te treffen. Aan zo’n juridische procedure zijn kosten verbonden: voordat u een beroepschrift indient is het raadzaam juridisch advies in te winnen, bij voorbeeld bij een bureau voor Rechtshulp.
 
 
Ongeoorloofd verzuim
Verlof dat wordt opgenomen zonder toestemming van de directeur of de leerplichtambtenaar wordt gezien als ongeoorloofd schoolverzuim. De directeur is verplicht dit aan de leerplichtambtenaar te melden. De leerplichtambtenaar beslist of er proces-verbaal wordt opgemaakt.
 

Vragen?
Heeft u na het lezen nog vragen? Wendt u zich dan tot de directeur van de school of tot de leerplichtambtenaar van uw woongemeente.
 
 
 
  
 
  
7.5   LESUITVAL
               
De school heeft een protocol opgesteld in het geval van ziekte van een leerkracht. Mocht er onverhoopt geen invaller beschikbaar zijn, dan neemt de schoolleiding en/of leerkrachten met specifieke taken maximaal twee dagen waar. Daarna mogen de kinderen naar huis. Ouders worden hiervan zo spoedig mogelijk op de hoogte gesteld.
 
 
 
  
7.6   TOELATING

Indien u uw kind op De Tille heeft aangemeld ontvangt u als nieuwe ouder een informatiepakket/aanmeldingspakket waar deze schoolgids een onderdeel van is. U wordt verzocht de formulieren uit het aanmeldingspakket op school in te leveren. Mocht het naar aanleiding van het intakeformulier nodig zijn om een gesprek te voeren dan nodigt de directeur u hiervoor uit.
 
 
 
 
  
7.7   SCHORSING EN VERWIJDERING VAN LEERLINGEN
 
(artikel 40 WPO:) Gelukkig komt deze maatregel binnen OPO zelden of nooit voor. Toch kan de directeur van de school in het uiterste geval een leerling ter schorsing (tijdelijk de toegang tot school ontzeggen) of verwijdering (definitief de toegang ontzeggen) voordragen aan de bovenschoolse directeur primair onderwijs.
 
Schorsing en verwijdering van een leerling is in het algemeen mogelijk als een leerling (of diens ouders) wangedrag vertoont en de orde en rust in de school in het geding zijn. Als de directeur van de school iemand ter schorsing of verwijdering voordraagt aan de bovenschoolse directeur primair onderwijs, dan zal deze de voordracht bespreken met het schoolbestuur, waarop het bestuur de schorsing of verwijdering kan bekrachtigen. Ouders worden daarvan schriftelijk op de hoogte gesteld en ook de inspectie en leerplichtambtenaar zullen worden ingelicht. De inspectie kan eventueel een bemiddelende rol spelen. Indien er tot een schorsing wordt overgegaan, is dat om duidelijk te maken aan kind en/of ouders dat de grens van onacceptabel gedrag bereikt is. Het is een ordemaatregel, waarin door middel van gesprekken met ouders en kind vervolgafspraken gemaakt kunnen worden. Hierin kan ook de mogelijkheid van verwijdering worden besproken als volgende stap.
 
Belangrijke voorwaarde is dat definitieve verwijdering van een leerling pas mag plaatsvinden, nadat er een andere school bereid is gevonden deze leerling toe te laten. Indien echter aantoonbaar gedurende acht weken tevergeefs naar een andere school is gezocht kan ook tot definitieve verwijdering worden overgegaan. Ouders kunnen binnen zes weken bezwaar maken tegen verwijdering bij het bevoegd gezag en het eventueel voorleggen aan de rechter.